Aspectontwikkeling

 

26.3
bladzijde 3 van 7

 

Vervolg van de aspecten op de uitgaande boog

In het uitgaand vierkant komt wel een eerste besef van de omgeving en het Ik gaat nu manifest reageren op de situatie waarin het verkeert. Echter in het vierkantsaspect moet de balans tussen inzet en resultaat nog worden gevonden.

Vaak voelt de persoon niet voor de te ondernemen actie. De omgeving wordt als groot en alomvattend ervaren, en de persoon ziet niet hoe hij enige verandering in die situatie zou kunnen brengen. Met dit aspect duurt het dan ook enige tijd voor de persoon besluit dat het zo niet langer kan. De vitale vierkantspanning dwingt hem de weerstand aan te pakken. Opgejut door de situatie gaat hij aan de slag. Door de onbekendheid met zichzelf overschat hij de weerstand en zet hij de inzet te zwaar aan. Door deze onmatige afstemming loopt hij te hard van stapel, waardoor de ondernemingen gerede kans maken te mislukken en vaak moeten worden overgedaan. Dit aspect brengt strijd en onbegrip met zich mee, evenals dubbel werk. De onbekendheid met zichzelf maakt de persoon onrustig.

 

In de uitgaande driehoek wordt de balans tussen inzet en resultaat bereikt. In dit aspect is er sprake van een natuurlijke differentiatie van het Ik ten opzichte van de omgeving. Er is een goed gebalanceerd ik-besef ontstaan, waarin de eigen instelling en inbreng wordt gekend en het Ik zich goed kan afstemmen op het beoogde resultaat. Het Ik profileert zich ongeforceerd en in gepaste mate in de omgeving. De persoon komt authentiek over en de ondernemingen leiden naar het beoogde resultaat.

 

In het oppositieaspect ligt een grote spanning. Het Ik, dat zich in het middelpunt bevindt, staat nu in het verlengde van de beide aspectpunten op de omtrek. Hiermee raakt het rechtstreeks betrokken in de spanningsboog die het op de omtrek heeft uitgezet en in zijn manifestatie daarop.

Dit aspect brengt op de uitgaande boog twijfel en aarzeling in de ziel. Men kan niet kiezen. De twijfel werkt verlammend. Ten slotte kan dit zo ver gaan, dat geen van beide polen meer tot actie kan komen. Een oplossing die hiervoor wordt gevonden is de verdringing van de ene pool en de overcompensatie van de andere. (26.3.a)

 

Overbrugging

Het oppositieaspect wordt echter wel productief wanneer een andere planeet als derde factor de spanning overbrugt. Zo'n overbrugging zorgt voor een systeem-eigen afvloeiing, waarlangs de ik-spanning productief en creatief in de buitenwereld kan uitwerken. Die omgeving ervaart dit dan als hèt punt waar het bij de geborene om draait.

Het oppositieaspect brengt met de lading en spanning, dus ook zelfrealisatie mee. Filosofisch gezien brengt dit aspect het middelpunt, middels de derde, overbruggende (maan)factor, in de wereld (omtrek). (6)

 

Omslagpunt

In dit oppositieaspect ligt ook het omslagpunt van de uitgaande naar de ingaande boog. In dit punt neemt het Ik van de vitale natuur het roer over. Want, waar de ontwikkeling op de uitgaande boog onbewust was en op vitale wijze van binnenuit naar buiten werd gestuwd, daar is, na de passage van dit omslagpunt, het Ik wakker geworden op zijn manifestatie aan de omtrek en leeft het deze ook bewust uit. De vitale natuur richt op haar beurt nu de straal binnenwaarts en begint vanaf de omtrek aan de reflectie terug naar het middelpunt. (25.3.a)

 

 

literatuurlijst, onderwerpen per pagina, woordenlijst, afbeeldingen,

tabellen en schema's, blauw gemarkeerde teksten, forum